Wat is de (on)veilige zone op een plat dak?

In de veiligheidswereld spreken we vaak over de (on)veilige zone. Maar wat is die (on)veilige zone precies en waar moet je rekening mee houden? Dat leggen wij je graag uit. In dit blog beantwoorden we al je vragen over de (on)veilige zone. Lees dus snel verder.


Valbeveiliging op platte daken

Dat je op een schuin dak gebruik moet maken van valbeveiliging, is logisch. Voor een plat dak klinkt dit misschien wat minder vanzelfsprekend. Je loopt immers op een plat dak, toch? Wat kan er fout gaan? Nou, voldoende! Helaas…

Nog altijd gebeuren er veel ongelukken op – ook platte – daken, waarvan de meesten te maken hebben met vallen. Daarom is valbeveiliging op platte daken net zo belangrijk als op schuine daken.

Om de veiligheid op platte daken extra goed te waarborgen kan je, naast valbeveiliging als harnassen, gebruik maken van een duidelijke aanduiding voor de veilige en voor de onveilige zone.

null

Verschillende zones op een plat dak

Er zijn afspraken gemaakt over het (veilig) werken op platte daken. Bij deze afspraken is het dak opgedeeld in drie verschillende zones met verschillende beveiligingsniveaus:

  • De veilige zone
  • De kritische zone
  • De gevaarlijke (onveilige) zone

Voor deze drie zones van een plat dak gelden verschillende regels en veiligheidsmaatregelen. Wij nemen je mee in de verschillende zones.

Zone 1: de veilige zone

De veilige zone is het gebied op een plat dak waar je zonder valbeveiliging mag werken. Deze zone ligt minimaal 4 meter van de dakrand, lichtkoepels of andere vloeropeneningen met (door)valgevaar.

De rand van deze zone moet duidelijk gemarkeerd zijn. Omdat deze rand zich op voldoende afstand van de dakrand bevindt, is een gekleurde lijn op de grond voldoende als markering. Je kan hiervoor ook markeringstegels gebruiken.

In deze zone worden er vaak losse ankerpunten met een tijdelijke lijn geplaatst. Hier kun je bij de werkzaamheden een losse lijn opspannen.

Zone 2: de kritische zone

De volgende zone, de kritische zone, bevindt zich in 4 tot 2 meter van de dakrand. Deze zone mag alleen betreden worden als er duidelijke markeringen zijn geplaatst. Denk hierbij aan een rood/wit lint of kettingen. Deze markeringen moeten minimaal 1 meter boven het dakvlak aanwezig zijn.

Een lijn op de grond voldoet hier dus niet. Je moet er bij wijze van spreken tegenaan lopen en er echt niet omheen kunnen. 

Het komt vaak voor dat we hier een kabelsysteem plaatsen. Je mag hier bijvoorbeeld komen om je werkplek veilig in te rechten. Zo kun je bijvoorbeeld een mobiele leeflijn spannen als er losse ankerpunten staan. 

Zone 3: de gevaarlijke (onveilige) zone

De laatste en meest gevaarlijke zone is de onveilige zone. Deze zone is vanaf 2 meter tot de dakrand. In deze zone moet je altijd valbeveiliging gebruiken.

Dit kan bijvoorbeeld een ankerpunt zijn of een kabelsysteem. Stel je bevestigingsmiddel zo kort mogelijk in en je kan veilig werken in de onveilige zone. Laat dan wel regelmatig je valbeveiliging keuren.

Een hekwerk is de veiligste optie. Je bent namelijk rondom de dakrand beschermt. Een kabelsysteem op 2 meter van de rand kan een geschikt alternatief zijn.


Zone 1, 2 of 3?

Het kan ook voorkomen dat er geen afzetting of hekwerk op het dak aanwezig is. Op zo'n moment mag je wel werken met individuele valbeveiliging. Het is dan belangrijk om dan doelmatig aan te lijnen.

In welke zone je je ook bevindt, wees je bewust van het valgevaar. Zorg er daarom van tevoren voor dat jij en het dak aan alle veiligheidsmaatregelen voldoen. Een ongeluk zit in een klein hoekje en ook al denk je dat een plat dat niet onveilig is, bewijst de werkelijkheid het tegendeel.

Ga daarom veilig het dak op met de juiste valbeveiliging.


Ik wil contact opnemen